Logo Universiteit Utrecht

Liternatuur

Nerts

Artikelen

Dieren door de bril van de mens

Lezen is een kijkje nemen in het hoofd van iemand anders, aldus de scheurkalender van OmdenkenDit mag misschien een voor de hand liggend gegeven zijn maar in de banaliteit van deze stelling zit een probleem. Tenminste, een probleem wanneer romans de klimaatcrisis aan willen kaarten en met enige, onpersoonlijke objectiviteit willen laten zien wat onze planeet door ons wordt aangedaan.  

Door Mike van Holsteijn

Ook een klimaatroman is immers geschreven door een mens. Vaker wel dan niet is een mens het hoofdpersonage en is deze persoon ook degene door wiens bril we de verhaalwereld zien. Hoe kan een roman dan alsnog op relatief objectieve wijze aandacht geven aan de klimaatcrisis? Ook dierenleed en de verhouding van de mens tot de natuur heeft immers betrekking op het klimaat. 

In Pels, de debuutroman van Jeroen Siebelink (1968) die in september 2019 verscheen, gebeurt dit door een jongen genaamd Theun te volgen die oog in oog komt te staan met dierenleed en vervolgens activist wordt. Theun blijft echter een mens met zijn eigen problemen en hij komt dan ook voor een keuze tussen zijn idealen en zijn familie te staanIn wat voor termen wordt in Pels gepraat over mensen en dieren? Wordt de roman voornamelijk gedreven door het conflict bij het dierenleed of bij het hoofdpersonage? En is de roman eigenlijk wel een goed medium om de klimaatcrisis aan te kaarten? 

Villen van nertsen 

Theun groeit met twee zusjes op in de pelsdierenfokkerij van zijn vader. Soms komen scholen op bezoek, overhoort hij gesprekken tussen zijn vader en andere fokkers over de markt van de vacht en helpt Theun mee bij het omleggen en het villen van de nertsen. Naarmate hij ouder wordt, komt hij er steeds meer achter dat zijn medeleven voor dieren niet past bij het werk dat zijn vader doet. Dat is dan ook het moment waarop zijn beste vriend Appie hem in de wereld van het activisme trekt en dit langzaam van kwaad tot erger gaat: van het openzetten van kooien tot het in de fik steken van hele fokkerijen. 

In een roman die zo genesteld is in de dierenwereld is het logisch dat er wordt gesproken over deze dieren en de relatie van de mens tot de dierenHet analyseren van dit discours rondom mens en dier kan tot inzichten leiden over hoe wij mensen kijken naar deze verhouding. Krijgt de mens in de dierenwereld bijvoorbeeld de rol van meerdere of gelijke toebedeeld? 

In Pels is op deze vraag niet per se een eenduidig antwoord te geven. Theun, Appie en hun medestanders hemelen het dier op en ‘de ander’ (in dit geval hun beide vaders, de fokkers en andere voorbijgangers) stelt de mens boven het dier 

Stro in kooien

Neem bijvoorbeeld het gesprek tussen Theuns vader en twee andere fokkers: Appeljan en een buurman zonder naam. Wanneer de vader stro in de kooien van de nertsen wil doen voor wat comfort ontstaat een discussie. De naamloze buurman vindt dat er geen stro in de kooien moet omdat dat het werk alleen maar moeilijker maaktAppeljan zegt echter dat er alleen stro bij moet tijdens de geboorte want dan krijg je grotere dieren, lang van lijf en kort van haar. Meer product. Meer marktwaarde. Deze zelfde Appeljan zegt dat je een dier geen dienst bewees als je het optilde naar het niveau van de mens. […] Dit deed afbreuk aan zijn ‘anders-zijn’. Volgens hem is een nerts hoogstens een vel van een paar tientjes en later in de roman zegt hij zelfs: Familie of niet, ik voel me toch verheven boven dieren.’ 

Hiertegenover staan Theun en Appie. Zij dichten dieren menselijke eigenschappen toe, hebben medelijden en zetten de mens op hetzelfde niveau als het dier. Wanneer een jongen komt kijken op de fokkerij en in zijn achteloosheid wordt gebeten door een nerts, denkt Theun dat die jongen een dier [was] dat geen dier dacht te zijn, totdat hij met zijn worstige vinger pijnlijk werd verbonden met de harde realiteit. Hij ziet iets van zichzelf terug in de nertsen die hij moet omleggen en Appie zegt dat dieren zijn vrienden zijn, en je vrienden eet je niet op. Ook maakt Theun vaak vergelijkingen tussen hem en dieren. Wanneer hij bijvoorbeeld achterna wordt gezeten door de politie zegt hij dat hij een vos is en werd voorgejaagd door een grote, menselijke vergissing. Tegen het einde van de roman zegt hij letterlijk dat mensen niet boven dieren staan en dieren geen gebruiksvoorwerp zijn. 

Omdat de roman voornamelijk om Theun gaat en hij degene is die het dier als product afkeurt en het dier als vriend omarmt, lijkt deze tweede visie de overhand te nemen. Toch is er meer aan de hand. Wat zijn de drijfveren van Theun? Waar zit het conflict in de roman? 

Een innerlijk conflict

Een belangrijk gegeven is dat de roman volledig in de ik-persoon is geschreven. We krijgen dus alles mee vanuit zijn perspectief en van enige vorm van objectiviteit is hierdoor weinig sprake. Dit roept de vraag op waar het boek eigenlijk om gaat: gaat het om Theun of om de dieren? 

Naarmate de roman vordert, begint de focus van het dierenleed zich steeds meer te verplaatsen naar Theuns beweegredenen en het conflict dat ervoor zorgt dat hij doet wat hij doet. Het startsein van deze ontwikkeling lijkt te worden gegeven door Appeljan, die over jongens die dierenkooien openzetten en fokkerijen verbranden zegt dat hij denkt dat dit soort jongens niet genoeg liefde van hun ouders heeft meegekregen. Ze weten niet hoe ze liefde moeten geven. Bij gebrek aan beter stappen ze maar over op het beestje. Hierna lijkt Theun dit steeds vaker te beamen. Hij zegt zich machteloos te voelen omdat het in mijn medelijden met deze geknevelde dieren toch weer over mijzelf ging, niet over de cause. Wanneer hij in de auto, op weg naar een nieuwe ‘klus’ in de spiegel kijkt, ziet hij een gefrustreerde jongen, iemand die zijn tekort op een extern onderwerp heeft geprojecteerd. Wanneer hij de volgende ochtend in de krant zijn schade ziet, zegt hij tegen zichzelf dat dit het werk van een zeer zware jongen [was] geweest. Een jongen met een vader die zo’n jongen wel verdiende. 

Zo lijkt hij dus een innerlijk conflict te hebben en geeft hij toe dat zijn liefde voor dieren misschien wel voortkomt uit een gebrek aan ontvangen liefde. Een jongen met pijn, een leeg leven en die dus naar betekenis en liefde zoekt in het bevrijden van dieren die, net als hij, opgesloten zitten en te weinig liefde krijgen. Uiteindelijk zegt hij (in zichzelf) tegen zijn moederIk wilde niet alleen dieren bevrijden […]. Misschien wilde ik ook wel jou bevrijden. Bevrijden van dieren. Om zo papa te bevrijden, die zichzelf had opgesloten. 

Theun mag dan wel het dier als vriend omschrijven en op hetzelfde niveau plaatsen als de mens, hoe serieus kan dit worden genomen als blijkt dat zijn activisme voornamelijk een manier was om zichzelf betekenis te geven? 

Familie boven idealen 

De roman sluit af met Theun die een nerts van de vloer pakt om als cadeau aan zijn dochter te geven. Hier gaat hij dus in tegen het idee van het dier als gelijke en besluit hij het dier in gevangenschap te nemen. Hiermee is echter wel zijn innerlijke conflict enigszins opgelost: hij zet zijn familie boven zijn idealen. 

Dit is geen kritiek; het is lastig om in een roman waar een menselijk personage centraal staat, een roman die is geschreven door een mens, een andere houding aan te nemen dan een waarin de mens centraal staat. Wél stelt dit vragen bij de roman als klimaatkritisch object. Is het mogelijk om, in een medium waarin meestal menselijke gevoelens en conflicten centraal staan, op objectieve wijze aandacht te schenken aan dierenleed en de vernietiging van de aarde? 

Wat Pels ons wel leert, is een vorm van zelfbewustzijn. Door literatuur als deze te lezen, maken we kennis met de manier waarop de mens kijkt naar de wereld om zich heen en de plek die men in deze wereld denkt in te nemen. Het schenkt een basis voor zelfreflectie – maar dan moeten we wel bereid zijn te reflecteren. 


Jeroen Siebelink: Pels. 2019. Xander; 432 pagina’s; €21,99. 


… Meer over de dominante positie van de mens ten opzichte van andere dieren lees je in De buurman is een worm


<< vorige | volgende >>