Logo Universiteit Utrecht

Liternatuur

Artikelen

De dorre kloof tussen stad en platteland

Als wij als westerse mensen de klimaatcrisis proberen te definiëren dan vormen we die definitie vooral in relatie tot onszelf. Wat voor invloed heeft de ramp op mijn directe omgeving, op mij? Wanneer een crisis zich niet afspeelt in onze eigen achtertuin zullen we weinig stappen ondernemen om er verandering in aan te brengen. 

Door Ellen Vos 

Deze ongelijkheid wordt pijnlijk duidelijk in het boek De ommelanden van Elvis Peeters (1957). Centraal staat de tegenstelling tussen stad en platteland. Dora, een stadse fotografe, vertrekt naar de ommelanden om daar de dood te fotograferen. De ommelanden zijn de bijna verlaten, dorre streken waar de overheid van het land niet meer naar omkijkt maar waar de gevolgen van een landelijke waterschaarste extra zichtbaar zijn. Dora fotografeert daar de doden: wanneer iemand overlijdt, betaalt zij een geldsom om direct na het overlijden het lijk te mogen fotograferen. Een directe, intieme inmenging met het persoonlijke leven van de dorpsbewoners. Zelf staat zij daar weinig bij stil. Zo lezen we in een dialoog met een van de boeren:  

Nee, zegt hij, je begrijpt het niet. Is de dood niet ook privé? (…) Het sterven wel, zegt ze, maar de dood is openbaar. Voor een fotograaf is niets privé. Overal waar hij werkelijkheid vermoedt, daar wil hij zijn lens richten. 

De lezer heeft vanwege de wisselende perspectieven al snel door dat de dorpers niet van Dora’s werk gediend zijn. Sommige gebeurtenissen zien we vanuit het gezichtspunt van de fotografe, maar andere weer vanuit het oogpunt van een dorpsbewoner. Wanneer haar auto het midden in een verlaten landschap begeeft, is ze gedwongen om in het dorp achter te blijven en raakt ze afhankelijk van de lokale bewoners. Haar telefoon heeft in dit afgelegen gebied geen bereik. De dorpers helpen haar waar ze kunnen.  

Toch is er vanuit de hulp van de dorpsbewoners een voor Dora subtiele maar voor de lezer expliciete tegenzin te merken. Bovendien helpen ze niet om haar auto aan de praat te krijgen, wel om een geit te leren melken zodat ze geen dorst hoeft te hebben. Door alle hulp en uitleg heen loopt een rode draad van argwaan en achterdocht. Bij vlagen wordt het zelfs zeer onheilspellend. Vanwege de boerse, lompe gedachtegangen en gedragingen van de bewoners gaan zowel Dora als de lezer ervanuit dat de fotografe een duister einde te wachten staat.  

Ernstige droogte 

Maar er gebeurt niets. Sterker nog: terwijl er kilometers verderop in de stad een zoektocht begint naar de verdwenen en onbereikbare fotografe wordt het vermeende slachtoffer steeds meer opgenomen door de gemeenschap in de ommelanden. De bewoners vertrouwen haar lokale kennis toe en nodigen haar uit op een oogstfeest. In de stad ondertussen wordt de zoektocht naar Dora steeds minder urgent, maar op de achtergrond speelt de problematiek van de waterschaarste die het stadse bestuur maar niet weet op te lossen. Let wel: in die stedelijke omgeving is er van die problematiek nog weinig te merken. In de ommelanden daarentegen heeft men dagelijks last van ernstige droogte en wordt het gebied bij tijd en wijle overvallen door een storm.  

In deze omstandigheden worden ze volledig met rust gelaten door de stad. De lezer wordt gaandeweg geconfronteerd met eigen vooroordelen: vanuit de stedelijke arrogantie en ontwikkelde maatschappij kijken we samen met Dora neer op de dorpse, bijna dierlijke bevolking. Ze zouden haar toch eens wat aan doen nu ze vast blijft zitten met haar auto en geen kant op kan. Het tegendeel blijkt het geval: ze besluit uit eigen overweging in de ommelanden te blijven, overtuigd geraakt van de menselijkheid van de dorpelingen.  

Ommelanders 

Opvallend is ook de woordkeuze in het boek: de dorpelingen worden vaak ommelanders genoemd, maar ook dorpers. Het woord ‘dorper’ is een verouderd woord dat synoniem staat voor ‘onbeschaafde, ongemanierde’ . Dat geeft goed weer hoe Dora én hoe de lezer in eerste instantie kijken naar de inwoners van het dorp. Bijna dierlijk. Hoewel de eerst stadse Dora later een andere houding aanneemt naar de dorpelingen toe gaat het leven in de stad onveranderd door. De droogteproblemen gaan wellicht meer op de voorgrond spelen, maar men bekommert zich in geen geval om de ommelanden en ook Dora’s verdwijning wordt steeds wat minder belangrijk.  

Deze stadse vooroordelen over het platteland dwingen de lezer om kritisch te kijken naar zichzelf en de eigen ideeën over de omgang met de natuur en alles wat daaromheen beweegt: de mensen die in een meer natuurlijke omgeving leven en de verhouding tussen die plattelanders en de meer stadse bewoners. Waar staat de lezer en hoe verhoudt hij zich tot die relaties?  

Egocentrische houding 

De tegenstelling is nog breder te trekken: zien we de ommelanders als levend in de natuur, en de stedelingen als levend van de natuur, als grootverbruiker van de aarde? Het maakt de kloof tussen stad en platteland tweedelig. Er is een verschil aan te brengen in de houding naar de natuur en in de verhouding naar elkaar: waar de dorpelingen al langer in grote droogte leven en de stadse bewoners hen daarin volledig links laten liggen, krijgt de stad pas later met die problemen te maken, waarbij ze wél verandering willen aanbrengen in de situatie. Een keuze die deels te maken heeft met de stedelijke arrogantie naar het platteland toe, en deels met een egocentrische houding: zolang het mij niet overkomt, is er niets aan de hand.  

De link naar actuele problemen is snel gelegd. Droogte is bijvoorbeeld, als gevolg van de klimaatverandering, in Zuid-Afrika al een ernstig probleem, maar in het westen hebben we er (nog) nauwelijks last van. Kijkt het westen met dezelfde arrogantie, met hetzelfde egocentrisme naar deze problematiek als de stad in De ommelanden? Het boek wordt hiermee een klimaatroman: het dwingt de lezer tot bewustwording van deze kloof tussen de mens als levend in de natuur en de mens als grootverbruiker van de natuur en vraagt de lezer waar hij zelf staat. Het laat de lezer vanwege deze kritische vragen ongemakkelijk achter. 


Elvis Peeters: De ommelanden. 2019. Uitgeverij Podium; 221 pagina’s; € 20,50 


… Naast stad vs. dorp is een andere relevante tegenstelling die tussen lange- en kortetermijn zoals in Geen les voor de toekomst, maar een spiegel voor nu


<< vorige | volgende >>